Categorie archief: Blog

Ik word eenzaam gemáákt

Een zweterig warme ruimte op een zonnige julidag.  Als de treinen langsdenderen verheffen we onze stemmen want anders gaan onze woorden verloren in het geluid. De ventilator doet zijn best. Een club heel verschillende mensen is bij elkaar voor een kleurrijke ontmoeting. We hebben het over eenzaamheid bij migrantenouderen. Het woord eenzaamheid wordt door de doelgroep niet herkend. Het gevoel wel. Mevrouw Ramcharan vertelt haar verhaal. Met een lach en een traan. Als zij spreekt verstomt het treingeweld. Deze blog is niet van mij, maar van haar. Ik ben dit keer alleen het doorgeefluik.

“Iedereen een goede middag,

Ik ben Chan Ramcharan-Dwarka, ben 75 jaar en wil graag mijn verhaal delen met jullie. Ik ben sedert 1980 in Nederland, heb zes kinderen en heb altijd gewerkt. In Suriname heb ik op de lagere school gezeten en niet af kunnen maken, want ik moest trouwen. Maar ik was leergierig dus heb altijd gelezen en mij ontwikkeld.

We hebben het vandaag over eenzaamheid, zelf voel ik mij niet eenzaam, ik heb genoeg mensen om mij heen en kom de dag wel door. De kinderen en kleinkinderen zorgen wel voor dat ik overal meekan en plezier heb in mijn leven. In Utrecht zijn ook genoeg activiteiten, zoals iedere woensdagavond zingen en iedere donderdagmiddag ouderenactiviteiten bij ASHA.

De laatste 10 jaren voel en bemerk een verandering. Ik ben zelf niet tegen de veranderingen, dat kan je ook niet tegenhouden. Alles wordt nu via de computers en digitaal gedaan. Ik kan ook lezen en schrijven dus computers gebruiken zou ik kunnen. Maar door een kleine herseninfarct ben ik niet meer in staat om veel te kunnen onthouden. Heb geprobeerd maar het gaat niet.

Mede daardoor ben ik nu heel erg afhankelijk aan het worden. Sedert aantal jaren moet ik voor hulp bij mijn kinderen en omgeving aankloppen. Is niet zo erg, maar bedoeling is dat ik heel lang thuis moet blijven wonen en voor mijzelf zorgen, maar ik bemerk dat het nu onmogelijk wordt gemaakt, ik raak eenzaam, op aantal belangrijke momenten kan ik niet verder. Mijn geld kan ik niet beheren, mijn administratie moet door anderen gedaan worden en nergens kan ik nu zomaar binnenlopen. Zelfs een afspraak op stadskantoor moet via de computer.

Ik zal u een persoonlijk verhaal vertellen wat ik pas meegemaakt heb. Mijn rijbewijs zou komen te vervallen. Mijn kinderen hadden al besloten om het niet te verlengen, maar ik heb daar hard voor gewerkt dus dat zou mij niet overkomen. Maar om mijn rijbewijs te verlengen moest mijn zoon een afspraak maken en dat gebeurde ook. Daarna een halve dag gekost om bij het stadskantoor te komen en alles in te dienen. Mooie stadskantoor, maar je loopt een paar kilometers vanaf de bussen, lijkt wel Schiphol.

Maar na het aanvragen van een nieuw rijbewijs moest ik weer een afspraak maken om het af te halen, via de computer. Dus weer aan de kinderen gevraagd, pas na twee maanden kon ik mijn rijbewijs ophalen. De kinderen waren druk met werk en alles. Ik neem het niemand kwalijk, maar ben wel teleurgesteld, mijn leven wordt moelijker. Vroeger pakte ik de bus en liep de stadshuis binnen om alles zelf te regelen. Alles gaat via de computers. Ik benoem een paar zaken:

  • De bank bezoeken lukt niet meer, de deuren zijn dicht en alles moet via het pinnen en via de computer
  • Een aanvraagformulier invullen moet ook via de computer
  • Belastingen gaat ook via de computer
  • Op Stadskantoor word je niet meer geholpen, een afspraak gaat via de computer
  • Brieven van de instellingen kan ik niet meer lezen, is moeilijk en overal word je gevraagd om naar hun website te kijken voor meer informatie. Telefoonnummers ontbreken ook op de brieven. Vroeger kon je bellen voor informatie, maar niemand is bereikbaar.

Mijn vraag aan u is voelt u ook de verplichte vereenzaming, ik word toch in een hoek gezet? En velen met mij? Lieve mensen ik ben niet eenzaam, maar ik wordt in deze tijd eenzaam gemaakt. Veranderingen zijn mooi en nodig, maar mensen zo afhankelijk maken is niet goed, dit moet anders en snel ook. Ik spreek veel ouderen en zij ervaren dit ook. Het respect voor de ouderen moet terug, je voelt je net een gevangene, terwijl je zo hard gewerkt heb om je oude dag goed door te kunnen brengen.

Dank voor uw aandacht en succes met uw werk………….”

 

Wil je meer informatie over de conferentie, stuur dan een mail naar radj@lezenenschrijven.nl 

 

Share Button

Het verhaal van de familie Gold

   

De schoenmakerskist van meneer Gold

Ik was al jong geïnteresseerd in geschiedenis. Las gretig de boeken van Thea Beckman en Jan Terlouw. Zat hele woensdagmiddagen bij de oude mensen in onze buurt, vragen te stellen en naar verhalen te luisteren over ons dorp en de streek in vroegere tijden. Toen ik nog latijn in mijn vakkenpakket had vond ik eigenlijk alleen de lessen over het leven van de Romeinen interessant, al die naamvallen vond ik slaapverwekkend.

Na mijn eindexamen bracht ik een zomer door in een kibboets. Vooral omdat het me een mooi avontuur leek. En het een betaalbare manier was om een poosje in een heel ander land te leven. Het was mijn eerste keer met het vliegtuig. Ik was helemaal alleen. De man op de stoel naast me deed zijn jas uit en op zijn onderarm was een nummer getatoeëerd. We raakten aan de praat en niet eerder kwam de wereldgeschiedenis zo tot leven.

In een museum staan dingen van vroeger (héél vroeger, soms wat korter geleden), bijzondere dingen en bijzonder mooie dingen, of objecten waar je wat van kan leren. Vaak is het een combinatie van die drie. Maar bijna nooit iets wat betrekking op jezelf heeft. Willie Steenaart groeide op aan de Utrechtse Julianaweg. Ze was bij een rondleiding in Kamp Vught toen haar persoonlijke verhaal ineens een geschiedenisverhaal kruiste. Een moment waarop de geschiedenis tot leven kwam.

Een heel gewone straat, de Julianaweg in toen-nog-Jutphaas, nu een Utrechtse wijk. Een tuin waar veel buurtkinderen samen spelen. Ouders die samen koffie drinken. Baby’tjes worden geboren. Vriendschappen ontstaan. Er breekt oorlog uit. De Julianaweg mag geen Julianaweg meer heten; veel te nationalistisch vinden de Duitsers. 1942. Een van de gezinnen, de familie Gold, stapt na een oproep van de Duitsers in een vrachtwagen richting Kamp Vught. Om nooit meer terug te keren.

Open Joodse Huizen is een initiatief van het Joods Cultureel Kwartier en Joods Monument om gewone mensen, het gewone leven, in gewone huizen te herdenken. Ook zeventig jaar na de oorlog blijft het een bizar en verdrietig idee. Zoveel mensen, zoveel levens, weg.. In het huis aan de Julianaweg 321, waar de familie Gold woonde, vertellen we op 4 mei twee keer het hele verhaal. Net zoals in veel andere huizen in Utrecht en nog 13 andere Nederlandse steden. Iedereen die wil is welkom. Om te luisteren, mee te praten en te herdenken. Ik voel me heel vereerd dat ik het verhaal van de familie Gold op die dag mag vertellen. Voor mij is het een manier om heel letterlijk betekenis te geven aan Van Vroeger Voor Later.

Het verhaal van de familie Gold en de mensen van de Julianaweg wordt op 4 mei om 13.00 en om 15.00 uur verteld. Ook op andere plekken in de stad kan je binnen, bij de huidige bewoners in huis, verhalen horen. Vind het hele programma en maak je eigen route op openjoodsehuizen.nl

De foto’s hierboven zijn van Nationaal Monument Kamp Vught en de foto van de kist is gemaakt door Diederik Schiebergen nationaal comité 4 en 5 mei.

Share Button

Sales

 

Maandagmiddag en een waterig lentezonnetje slaagt erin om het buiten voor het eerst echt lekker te laten zijn. Ik ben bezig de strootjes guldenroede van vorig jaar op te ruimen als ik ineens van heel dichtbij hoor: mag ik iets vragen? Teun, een jongetje uit de straat, heeft samen met zijn vriendje een winkeltje in de voortuin geopend. Ze verkopen er vuurstenen en bekertjes water. Ik zie mezelf al helemaal genieten van kampvuur met een wijntje, dus ja, die vuurstenen, daar kom ik zo even voor langs, knipoog ik tegen Teun.

Eenmaal bij het winkeltje aangekomen doen de jongens uit groep 4 een dappere poging om een vonkje, of desnoods een vuur-geur te veroorzaken maar de stenen geven geen sjoege. Met de vader van het vriendje, die inmiddels ook is gearriveerd, besluiten we dat er toch echt meer handel zit in appeltaart, maar daarvan heeft Teun nog maar twee punten en één daarvan wil hij zelf opeten, dus er zal eerst opnieuw gebakken moeten worden. En dat mag normaal altijd alleen als hij een leesbingo-kaart vol heeft.

Wanneer ik er ’s avonds aan terugdenk, komen de hoop, de onzekerheid en de uiteindelijke teleurstelling van verkoper Teun dichterbij dan me lief zijn. De afgelopen maanden heb ik flink geïnvesteerd in nieuwe samenwerkingen, mooie projectideeën en inspirerende workshops. En na drie jaar van gestage groei slaat in een fase van afwachten ineens de onzekerheid toe. Het is alsof de medaille die ik mezelf omhing, stralend van vrijheid en zelfstandigheid, de dingen op je eigen wijze kunnen doen, neutraal en onafhankelijk zijn, door kunnen pakken, zelf creëren, ineens zijn andere kant laat zien.

Want waarom wil ik dit eigenlijk? Ondernemen in het sociaal domein, werken aan maatschappelijke thema’s als zelfstandig professional. En wat bereik ik nou helemaal? Waarom ben ik niet gewoon ergens in loondienst, met collega’s waar je mee kan sparren, een baas die eindverantwoordelijk is en een administratie die gedaan wordt door mensen die van cijfertjes houden? Een plek waar sales wordt overgelaten aan mensen die nooit moe worden van rondbellen en overal langsgaan.. Raak ik niet de weg kwijt, laverend tussen de juiste woorden, mijn idealen, de trends en de bureaucratie? Hoe hang je waarde aan maatschappelijke impact en wat voor stappen zet je om dat vervolgens te verzilveren? Ik vertel mezelf de ene dag dat ik te ongeduldig ben en de andere dag dat ik veel sneller af moet haken als een traject niet vlug ergens toe leidt.

Teun is nog niet langsgekomen met de appeltaartbestelling, maar er is me sindsdien veel helder geworden. De tijd is rijp om weer uit mijn jasje te groeien, mezelf nieuwe doelen te stellen. Het wordt een lesje in zakelijkheid en strategie, in gaan staan voor wat je waard bent. Eigenlijk een lesje in alles wat ik al mijn hele leven vakkundig omzeil, soms tegen beter weten in. Was ik net een beetje op dreef, mag ik weer uit mijn comfort zone..

Share Button

De dag dat ik mijn nieuwe leven in fietste

 

Ik sta bij de rotonde, klem de fiets die ik leende voor vandaag tussen mijn benen, en kijk om me heen. Ik zie asfalt, hoge gebouwen, tramrails. Ik ben hier voor de eerste keer en niks komt me bekend voor. Ik twijfel even, zal ik niet gewoon teruggaan? Terug naar het AZC, waar ik een uurtje geleden nog zat te ontbijten met dadels en walnoten? Terug naar de wijk waar ik me eigenlijk best wel snel thuis voelde omdat de winkels in de Kanaalstraat met hun geuren en Arabisch geroezemoes me aan de bazaar van thuis doen denken?

Nee, ik moet dit doen, ik wilde dit, en als ik niet doorzet weet ik zeker dat het niet lukt. Toen ik naar Nederland kwam kreeg ik twee adviezen van Basim, de broer die me voorging: “leer zo snel mogelijk Nederlands en word meteen actief in dit land. In Nederland moet je het op eigen kracht doen, broertje!”

Ik denk aan mijn wachtende broer terwijl mijn ogen de omgeving afspeuren naar bordjes waar ‘Bunnik’ op staat. Ik zie ze nergens. Een diepe zucht ontsnapt. Ik ben al zo lang onderweg en nog zo dicht bij mijn startpunt. Ik pak mijn telefoon, de enige reden waarom ik deze fietstocht überhaupt aandurf, en bel maar weer eens. “Met Loai, daar ben ik weer. Ik kan het echt niet vinden hoor! Ik zie een tunnel nu, een benzinepomp met een hoog gebouw ernaast. Aan de overkant is een sportschool. Nee, geen winkels nee. Oké, dan doe ik dat.”

Vijf telefoongesprekken en een uur later fiets ik langs het spoor. Ik geniet van de voorbij zoevende geelblauwe rupsen. Af en toe dendert een goederentrein richting oosten. Maar mijn hart gaat sneller kloppen van de witte sprinters, ze stoppen op alle stations, net als de treinen die ik begeleidde vanaf station Aleppo. Met een glimlach denk ik terug aan mijn eerste baan bij de Syrische spoorwegen.

De brede ventweg waarover ik mijn fiets manoeuvreer, vind ik heel bijzonder. Wat positief dat de auto’s allemaal op een andere weg rijden! En hoe langer de eindeloos lijkende rit duurt, hoe meer mijn mond openvalt van verbazing. Wat is alles hier mooi en wat past het goed bij elkaar. Het lijkt wel alsof iemand met groot gevoel voor stijl de tijd heeft genomen om huizen, boerderijen, bomen en weilanden zo bij elkaar te zetten dat je overal waar je kijkt een schilderij ziet.

Ik knijp in de remmen, zet één voet op de grond en pak de kaart die Basim tekende op een stuk papier er nog eens bij. Ik kan er geen touw meer aan vastknopen. En ik kan aan niemand de weg vragen want hier ziet niemand eruit alsof hij Arabisch verstaat. Ik prijs mezelf gelukkig dat ik altijd eet voordat ik op reis ga. Ik ben al uren onderweg, maar last van honger zal ik voorlopig niet hebben. Last van tegenwind heb ik daarentegen wel. Mijn hand gaat weer mijn zakken in, op zoek naar mijn telefoon. Voordat ik bel neem ik de omgeving goed in me op. Ik ben de drukke weg net overgestoken bij een grote boerderij. Een stoplicht zorgde ervoor dat het drukke verkeer tot stilstand kwam.

Zou Basim dat huis met al die auto’s ernaast kennen? Of zal ik die bushalte noemen? Ben ik al dicht bij zijn huis? Hoe groot is Bunnik eigenlijk? Ik fiets weer tussen de huizen en, ik kan er niks aan doen, mijn blik wordt naar een vrouw getrokken. Ze zit ook op een fiets, maar dan een bakfiets. Voorin drie kinderen. Achterop fietstassen die uitpuilen van boodschappen. Ze is lang en mooi en blond, ze lijkt op mijn moeder. Mijn moeder zou dit niet geloven, een dorp, zo mooi en luxe. Met prachtige huizen die zijn omgeven door groen. Iedereen lijkt hier rijk te zijn. Een vrouw op een motor rijdt voorbij. Hoe anders is het bij ons. Waar juist dorpelingen heel eenvoudig leven, van het land en van hun dieren. Nee, voor luxe en rijkdom moet je in Syrië niet op het platteland zijn. Ik ben al een paar maanden in Nederland maar kom vandaag, onderweg naar het nieuwe thuis van mijn broer, ineens in een andere wereld. En die wereld heet Bunnik.

Nawoord:

Het komt door Basim dat ik ook in Bunnik terecht ben gekomen: ik woon sinds juni op de Vletweide. De twee adviezen van mijn broer heb ik in mijn oren geknoopt. Nederlands spreken gaat steeds beter, mede dankzij Dilia, die me helpt. Zo vind ik langzaam mijn weg in jullie mooie dorp.

Bunnik Over Bunnik is een tweejaarlijkse verhalenwedstrijd. Dit voorjaar kan je ook nog meedoen met grote broer/ zus: Utrecht over Utrecht, dat deze editie het toepasselijke thema ‘Welkom in Utrecht?’ draagt. Inzenden van verhalen vóór 2 april.

Bovenstaande en alle andere mooie foto’s die dag zijn gemaakt door Colijn van Noort.

Share Button

De kast van ome Cor

IMG_9243 IMG_9245 IMG_9241 IMG_9247 IMG_9244 kast serrurier kast strijkijzer IMG_9249 kast beslag kast laatste loodjes

Ik stel me zo voor dat het een mooie lentedag was, ergens begin twintigste eeuw, toen meubelmaker Serrurier in Luik een lading eikenhout bekeek, die geleverd was voor zijn nieuwste kastontwerp. Art nouveau, zijn specialiteit, met mooi houtsnijwerk, prachtig beslag en wulpse welvingen. Maanden later, waarin er getimmerd en gezaagd werd, hout gesneden, gepast en gemeten, was het af. Gustave Serrurier deed een stapje naar achter en bekeek het resultaat. Precies de reden dat hij voor dit ambacht gekozen had; alles paste perfect. En zo zag hij het graag. Hij legde zijn brandmerk in het vuur en niet veel later stond het in zwartgeschroeide letters achterop de kast; Serrurier Liège.

Het was de eerste dag van het jaar 2015, laten we zeggen zo’n 110 jaar later, dat de kast in de aanhanger van mijn peetoom Hans naar Bunnik kwam. Ik heb er jaren om moeten zeuren. Mijn vader heeft een atelier met veel gereedschap en oude spullen, en zolang ik me kan herinneren stond ie daar. Stof en dikke spinnenwebben te vergaren. Af en toe werden er jonge poesjes in geboren. Meest van de tijd stonden alle verfblikken er opgeslagen. Volgens papa-lief zou het onbegonnen werk zijn om het oudje op de knappen. Er werd nog net niet met de ogen gerold als ik er weer over begon.

Maar nu was ie overstag en samen met mijn achterbuurman en meubelmaker Hans Vink ging ik het  avontuur aan dat ruim een jaar zou duren. Dat had vooral te maken met drukte, waardoor de kast ook in de werkplaats van Hans Vink stof en spinnenwebben zou vergaren. Tussen de bedrijven door schroefden we de deuren eruit en haalden we het oude dikke glas uit de sponningen. Daarna heb ik de hele kast geschuurd. En nog een keer. En nog een keer. Om hem vervolgens liefdevol van een nieuwe laag bijenwas te voorzien. Ik ontdeed het beslag van flinke hoeveelheden roest en verfde het zwart. Daarna mocht het weer met talloze (nieuwe, antiek gemaakte) schroeven terug op de deurtjes.

En elke keer dat ik in de werkplaats aan het werk was, liet de kast nieuwe stukjes verhaal zien. Zoals een strijkijzer-afdruk.. ahaa, jarenlang onderdeel van een ongetwijfeld keurig huishouden! Serrurier hield met potlood en in kriebelhandschrift op de smalle latjes bij of het een latje voor ‘gauche’ of ‘droite’ was. En ook waren de scharnieren genummerd om ongewenste scheefgroei te voorkomen. En natuurlijk kwam ik allemaal bekende verfkleurtjes tegen uit het huis van mijn ouders. Het blauw van de keuken..

Gisteren legden we de laatste hand. En fantaseerden we maar weer eens over oude spullen die verhalen vertellen. Eerlijk gezegd heeft bovengenoemde peetoom Hans roet in het eten gegooid door tegenover het jarenlange familieverhaal van de afkomst (ome Cor, heeroom van mijn moeder, pastoor in het Limburg van de jaren ’50, ’60 en ’70) een heel nieuw verhaal te stellen (vrienden van mijn grootouders, tevens buren, die hem zouden hebben meegenomen uit Nederlands Indië toen ze in de jaren ’50 terug naar Nederland kwamen). Het ene verhaal spreekt nog meer tot de verbeelding dan het andere. Ik heb vooral genoten van het werken met mijn handen, het ontrafelen van een mooi verhaal, en het idee dat er na Luik, Indië, een aantal Limburgse pastories en een atelier/ varkensstal nu een nieuw leven begint voor de kast. Bij ons.

Meer over meubelmaker Hans Vink is te vinden op http://www.hans-vink.nl/

Meneer Serrurier bleek na wat research niet de minste meubelmaker te zijn, hij was een boegbeeld van de Belgische art nouveau. Zijn werk blijkt niet alleen in onze woonkamer te staan maar ook in Musée D’Orsay (Parijs) en het Metropolitan Museum in New York. Een lesje kunstgeschiedenis lees je hier: https://nl.wikipedia.org/wiki/Gustave_Serrurier-Bovy

Share Button

Casper

kastanjes kleuterklas casper technisch-lego

Als ik binnenkom met een potje zelfgemaakte frambozenjam lijkt het even of er niks veranderd is. Een heel blij gezicht met stralende ogen. Spontaan de vraag: wauw, hoe moet dat eigenlijk, en kan ik dat ook, jam maken? Maar na een halve minuut betrekt het spitse gezichtje dat omlijst is met de vertrouwde stekelige blonde haren. Wie ben jij eigenlijk? Het contact is meteen verbroken. Nerveus speelt hij met een kastanje. De blik steeds verder naar binnen gericht.

Casper blijkt geen enkele herinnering te hebben aan mij, zijn kleuterjuf. Terwijl ik het nooit vergeten ben, zijn moeilijke eerste tijd in het regulier onderwijs. Niet alleen ik verliet de basisschool (ik begon voor mezelf met Van Vroeger Voor Later), ook Casper nam er afscheid. Annemarie, zijn moeder, praat me bij over de pittige voorbije jaren. “Inmiddels is Casper gediagnosticeerd met PDD NOS, en daarnaast heeft hij ADHD. Cognitief begrijpt hij veel, maar verbaal is hij veel minder sterk ontwikkeld. Hij kan zich moeilijk uiten en dat zorgt ervoor dat mensen hem vaak niet begrijpen. Casper heeft daar zoveel stress van dat hij werkelijk kan exploderen. Hij heeft al eens de trapleuning uit de muur getrokken en op school zijn er wel tafels en stoelen tegen de ruiten gevlogen.”

Intussen laten de kastanjes zich niet echt pellen, tot frustratie van Casper. Hij wil weten wat erin zit. Maar de messen en scharen in huize de Jong zijn achter slot en grendel opgeborgen. En Caspers nagels zijn heel kortgeknipt want hij doet aan automutilatie. Annemarie vertelt: “Op dit moment gaat hij na schooltijd naar de dagopvang van Kidztower in Nieuwegein en daar ben ik zo blij mee. Het doet hem duidelijk goed, maar ons hier ook. Zijn broers hoeven minder op eieren te lopen. En wij hoeven ons ook minder zorgen te maken. Verder hebben we sinds een poosje hulp van Laura, binnenkort betaald uit een PGB budget. Zij is echt mijn steun en toeverlaat. Ze zorgt er ook voor dat ik toch kan blijven werken. Ik heb een behoorlijk uitdagende baan, en tegelijk is mijn werk voor mij ontspanning. Een plek waar ik even niet bereikbaar ben.”

Als Annemarie even haar jongste zoon ophaalt van een speelafspraakje ben ik met Casper alleen. Oké dan, hij wil me wel zijn technisch lego laten zien. Met frisse tegenzin laat hij zich verleiden tot een gesprekje. “Ik maak er heel grote dingen van, die niet echt van mijn leeftijd zijn. Ik doe het al sinds mijn zevende, dat ik werkjes maak voor boven de tien jaar. Het laatste dat ik maakte was een graafmachine. Met lucht gaat ie omhoog en omlaag en ook open en dicht. Zo gaat het bij echte graafmachines ook.” Ik mag de graafmachine wel even van de vensterbank tillen en hoef ook niet bang te zijn dat ik iets kapot maak, want ‘zo makkelijk gaat dat heus niet’.

Ik voel me machteloos, en probeer me in te leven. Stel je voor, je bent 10 jaar en je hebt zo weinig vertrouwen in mensen dat je liever je mond houdt. Daar kan geen potje frambozenjam tegenop. Om echt te bewijzen dat je het contact waard bent moet je vele uren, met oprechte interesse er onvoorwaardelijk zijn voor hem. Ook, en misschien zelfs JUIST op de momenten dat het minder goed gaat.

 

Share Button

Oral History: Ongekend Bijzonder

ongekend-bijzonder-2  ongekend-bijzonder-3  halleh-ghorashi-spreekt  ongekend-bijzonder-4  ongekend-bijzonder-flyer

De conferentie ‘Ongekend Bijzonder’ begon meteen persoonlijk want verhalen brengen de wereld dichterbij. “Als ik vluchtelingen spreek dan moet ik altijd aan mijn moeder denken, overlevende van een jappenkamp. Ze kwam na oorlog berooid aan in Nederland, waar ze helemaal opnieuw moest beginnen.” Aan het woord is Mieke Zaanen, algemeen directeur van de KNAW.

We zijn bij elkaar om het te hebben over oral history (geschiedenis op basis van persoonlijke ervaringen en herinneringen) en in het bijzonder de 248 levensverhalen van vluchtelingen die zijn verzameld in het kader van het project Ongekend Bijzonder van stichting BMP. Selma Leydesdorff, oral history goeroe en gespreksleider van de dag, kan vanuit professioneel oogpunt meteen aanhaken, maar ook vanuit haar eigen familiegeschiedenis. “Door verhalen op te tekenen krijgen ook de mensen een stem die erbij waren maar uiteindelijk hun verhaal niet hebben kunnen en willen vertellen.

Gastspreker Corinne Squire vertelt over haar oral history onderzoek in het vluchtelingenkamp in Calais. Twintig bewoners leggen het alledaagse leven vast, wat volgens Squire helpt om te begrijpen wat er gebeurt en zo kan je het gemakkelijker een plek geven. Het geeft ons ook zicht op hoe dingen gaan en daar kunnen we van leren. Bovendien zorgt vastleggen ervoor dat onze toekomstige geschiedenis niet verloren gaat.

En dat is niet alleen handig voor toekomstige generaties die op zoek gaan naar hun familiegeschiedenis. In de middag woon ik een workshop bij waarin we inventariseren op welke manieren ook beleidsmakers hun voordeel kunnen doen. Bij de andere workshops wordt onder andere nagedacht over het breder toegankelijk maken van deze grote hoeveelheden onderzoeksmateriaal, en er wordt gebrainstormd over het ontwikkelen van educatieve programma’s.

Ook in mijn eigen projecten speel ik vaak met de gedachte dat er zoveel meer mogelijk is met de verhalen die loskomen. Verhalen van migrantenouderen over wat voor hen wel en niet werkt in de zorg. Cynische ervaringen van Marokkaanse jongens die zich niet gezien en gewaardeerd voelen door de Nederlandse samenleving, en eigenlijk ook niet door hun (groot)ouders. En met de online verhalenbundel www.hoiutrecht.nl doen we er zelfs rechtstreeks ons voordeel mee; mensen met een beperking, ziekte, stoornis en mantelzorgers delen hun verhaal en inspireren anderen tot ver buiten de Domstad.

Wandelend naar de lunch heb ik het er met een andere deelnemer over dat het mooi zou zijn om elkaar vaker te kunnen ontmoeten. Directeur Saskia Moerbeek van BMP vertelt dat ze die wens herkent. Een platform om krachten te bundelen, een enorme hoeveelheid data te ontsluiten, elkaar te inspireren en om up te date te blijven in het vakgebied: wat zou dat mooi zijn! Niet alleen weet je elkaar collegiaal dan beter te vinden, het nut van oral history zal voor de buitenwereld ook zichtbaarder worden.

 

Meer lezen?

www.ongekendbijzonder.nl

 

Share Button

#IEDER1

nieuwsgierigheid ieder1 nieuwsgierig3 nieuwsgierigheid2

Nieuwsgierig zijn

“Toen onze lieve heer de nieuwsgierigheid uitdeelde stond jij denk ik vooraan, Saskia. Je hebt er wel heel veel van gekregen”, verzuchtte mijn lievelingsmeester van de Beerse Dr. Jan de Quayschool lang geleden. Gelukkig zijn bijna alle kinderen nieuwsgierig, een eigenschap die ik zelf heel positief vind. Ook als mijn eigen kinderen ergens benieuwd naar zijn moedig ik ze aan om erop af te stappen en hun vragen te stellen. Soms voelt dat gek, bijvoorbeeld bij de vraag; mama, waarom zit die mevrouw in een rolstoel? Of: waarom is die meneer (een lilliputter) zo klein? Ik moet eerlijk toegeven dat ik heus opgelucht kan zijn als ze daarop besluiten dat een vraag bij nader inzien toch niet zó prangend is. Toch levert wél vragen meestal onverwacht leuke gesprekken op. Ik kan me eerlijk gezegd niet herinneren dat er ooit een oprecht gestelde vraag ‘verkeerd gevallen’ is.

Open staan

Kinderen groeien op tot volwassenen, die elkaar overal tegen komen. Zo was Barbara van Benthem (ik ontmoette haar dit voorjaar op een bijeenkomst voor incleaders, inclusive leaders) eens in het café en raakte ze aan de praat met een aantal buitenlandse studentes. Op haar vraag hoe ze het hier vonden antwoordden de dames dat ze de Nederlanders niet bepaald gastvrij vonden en dat de Nederlandse cuisine ook maar matigjes was. Barbara voelde zich uitgedaagd door dit antwoord en nodigde zonder nadenken de meiden bij haar thuis uit voor een met liefde gekookt diner. En zo geschiedde. Tijdens een gezellige avond leerden ze elkaar (een beetje) beter kennen.

Elkaars verhaal weten

Waar mensen elkaars verhalen delen, elkaar leren kennen, elkaar durven bevragen vanuit echte betrokkenheid, gebeurt er iets. In april zag ik de theatervoorstelling ‘Nobody Home’ waarin drie jonge mannen vertellen over hun kindertijd als asielzoeker. Ook hun moeders komen uitgebreid aan het woord. Ik vond het bijna magisch wat er in de zaal van theater de Hoge Woerd gebeurde. Er werd eerst besmuikt en later uitbundig gelachen, andere momenten was het doodstil en hier en daar werd een onvermijdelijke traan weggepinkt.

#IEDER1

Wat zou het mooi zijn als we vaker mensen zouden ontmoeten die niet op ons lijken. Mensen van wie we nieuwe dingen kunnen leren. Die onze horizon verbreden. Samen leven gaat niet altijd vanzelf, en toch geloof ik in de kracht van diversiteit. Simpelweg omdat de andere optie; gescheiden werelden, WIJ en ZIJ denken, in mijn ogen vooral zorgt voor vervreemding, angst en onverschilligheid.

Op 25 september wandelt een bonte stoet mensen van de Amsterdamse Bijlmer naar het museumplein. Jong en oud. Gelovig en ongelovig. Wit, zwart, alle kleuren. Homo en hetero. Ik wandel mee. Jij ook?

 

Meer informatie over #IEDER1 en de parade op 25 september is te vinden op de website en op Facebook. Ik ben heel benieuwd naar jouw ideeën en acties om weer nog meer of beter samen te gaan leven in Nederland, ik hoor of lees ze graag!

 

Share Button

De media

  radio geldermalsen radio geldermalsen2 Uindewijk poppetje1

Het is zo’n dag dat alles tegelijk komt, de eerste dag dat we met De emigratie generatie te gast zijn op de Prinses Margrietschool in de Utrechtse wijk Zuilen. We zetten onze koffer midden in de klas en leren groep 8 kennen (hoe heet die ene jongen daar bij het raam ook weer?!). Na een paar uur van werkvormen waarbij de leerlingen zich voorbereiden op de interviews, beginnen we op ons horloge te kijken: de ouderen kunnen elk moment arriveren! En als ik in de pauze naar het schoolplein wandel zie ik ze daar al staan: het team van U in de wijk. Oh ja tuurlijk, die kwamen ook. Gelukkig heb ik geen tijd om me nerveus te maken (of te bedenken of mijn haar wel goed zit).

Dunya, de verslaggeefster vertelt enthousiast dat haar kind ook op deze school zit. En cameraman Ed kijkt al met een scheef oog welke plaatjes hij kan schieten. Daarna gaat het allemaal supersnel, één van de ouderen die komen vertellen ‘haakt aan’ en blijkt reuze camerageniek! Ook de leerlingen, toch pubers, zitten helemaal in de materie en als ik later terugzie wat ze voor camera weten te vertellen over De emigratie generatie dan zwelt mijn hart met trots.

De volgende avond rij ik naar Geldermalsen, waar ik in grand café Le Mélangeur Ellen en Ellen ontmoet. Ellen is één van de vrijwilligers die ik trainde om levensboekjes te maken met ouderen, en het is erg leuk om haar weer eens te zien! De andere Ellen presenteert samen met Ron het wekelijkse radioprogramma ‘Cultureel Café’ van RTV Betuwe. Het is een prachtige avond, echt zo’n avond voor een romantische wandeling langs de Linge, maar Ellen en ik nemen plaats op het podium en vertellen in van die echte radiomicrofoons over het project ‘Verhalen tegen Eenzaamheid’. Er zitten maar een paar mensen in de zaal(en ik heb geen idee hoeveel of hoe weinig luisteraars het programma heeft, maar dat maakt niet uit, we genieten met volle teugen.

Ik ben kennelijk ijdeler dan ik dacht. Want stiekem blijk ik het heel leuk te vinden om mijn eigen verhaal (of eigenlijk het verhaal van het werk dat ik doe) voor het voetlicht te brengen, bedenk ik mij terwijl ik in de schemering over het Betuwse platteland weer huiswaarts rij. Ik sluit de week dan ook tevreden af, benieuwd wat voor verhalen de komende periode weer gaat brengen! Ik hou jullie op de hoogte.

Wil je het item over De emigratie generatie terugzien? Dat kan via onderstaand linkje!

http://www.uindewijk.nl/zuilen/artikel/5393

Voor het radio-stukje is het nog even afwachten..

Share Button

Generaties

oma jong foto 2 (1) bellenblaas Zuzzels! paris! IMG_1396 IMG_1691

Mijn zusje Klaartje en ik waren het vaak met elkaar eens maar over hoe de wereld eruit  zou moeten zien konden we flink kibbelen. Ik kan me herinneren dat we in onze studententijd ‘Haar moeders dochter’ lazen, een boek van feministe Marilyn French. Het boek beschrijft vier generaties vrouwen, en Klaartje zei er moedeloos van te worden dat trauma en pijn van de ene op de andere generatie werd doorgegeven als een treurige erfenis waar je niet aan kan ontkomen. Ze vond het een verschrikkelijk idee; die vrouwen die maar ploeteren en eigenlijk niet echt verder komen. Als ze zelf maar nooit zo zou worden..

Ik vond het juist een heel mooi gegeven, dat die moeders en dochters allemaal zo nauw met elkaar verweven waren. In mijn ogen probeerden ze alle vier op hun eigen manier iets van het leven te maken, en daarbij speelde de tijd waarin ze leefden een bepalende rol. De erfenis die we allemaal meekrijgen van onze ouders, de manier waarop je gevormd bent, ik zou haast zeggen ‘het hout waaruit je gesneden bent’ fascineerde me toen al en dat doet het nu nog.

Klaartje kwam in 2000 om het leven bij een verkeersongeluk in Utrecht. Ik zou haar wel eens willen vertellen over de ouderen die ik leerde kennen bij De emigratie generatie, een project dat ik samen met de Surinaams-Utrechtse stichting Asha en studio Raap heb opgezet. Migrantenouderen zijn vaak uit ondernemend en avontuurlijk hout gesneden. Veel van hen waren benieuwd naar de wereld achter de horizon en vertrokken uit hun geboortestreek. Natuurlijk hoort daar heimwee bij. En opstartproblemen. En ander geploeter. Toch spreek ik vaak trotse ouderen. Met mooie verhalen. En dankbare kinderen, die hun afkomst koesteren. En zich heel bewust zijn van de kansen die ze dankzij hun ouders hebben gekregen. En ja, er wordt ook geworsteld. En lang niet alle kinderen waren blij met de keuze van hun ouders om in dat verre/ koude/ soms ongastvrije Nederland te gaan wonen.

Als ik iets heb geleerd sinds de tijd dat ik nog kon kibbelen met mijn zusje, dan is het wel dat er in het leven geen garanties zijn. En dat verdriet en tegenslag erbij horen. Dat het leven zich in alle rauwheid afspeelt. Ook al poetsen we het liever op tot een zacht glanzend instagramplaatje. Nu, twintig jaar later moet ik grinniken als ik terugdenk aan die twee idealistische studerende zussen. Ik kan het niet laten om te denken; ‘zie je nou wel, ik zag het goed!’ En ik denk dat als zij had kunnen antwoorden, ze ook had moeten lachen ‘ja, en ik ook!’.

Share Button